bovenbalk
    Stichting Handboogsport Accomodatie Ovezande | Uno | Willem Tell | Spes Nostra | Zeelandia
7
REGLEMENTEN

Het reglement stelt regels van algemene aard en regels mbt Bar- en Onderhoudscommissie. De belangrijkste regels betreffen echter het onderdeel "Schiet- en Veiligheidsreglement". In dit reglement worden de regels genoemd die voortvloeien uit wettelijke vereisten, bepalingen uit het overeenkomstige reglement van de Nederlandse handboogbond (NHB) en de bepalingen uit de "Gebruikersvergunning" die onderdeel vormde van de bouwvergunning van de accommodatie. Dit Schiet- en Veiligheidsreglement is zichtbaar opgehangen in de entree van de accommodatie en gebruikers dienen zich aan dit regelent te houden. De Stichting neemt geen verantwoordelijkheid voor de gevolgen als iemand zich gedraagt in tegenspraak met dit regelment.

Uit oogpunt van verantwoorde alcoholverstrekking moet aan een aantal wettelijke bepalingen worden voldaan. Een belangrijk uitgangspunt is het begrip "sociale hygiëne". Met Sociale Hygiëne wordt bedoeld dat mensen gezond met elkaar omgaan; dat ze rekening houden met elkaars waarden, normen en rollen. In de sportkantine gaat het vooral om kennis van en inzicht in de invloed van alcoholgebruik (en -misbruik) en hoe men verantwoord alcoholgebruik in de kantine kan bevorderen. Belangrijk hierbij zijn huis- en gedragsregels en sociale vaardigheden om deze regels uit te dragen en na te leven.
In het reglement gaat het verder om openings- en schenktijden, leeftijdscategorieën, huis- en gedragsregels, Instructie verantwoord alcoholgebruik (IVA), toegelaten horeca-activiteiten.

1. Het is voorwaarde dat er wordt geschoten met pijl en handboogboog, vandaar de naam “Demonstratieschieting”.

2. Het schietveiligheidsreglement is van toepassing en de schieting gebeurt op eigen risico.

3. Het is niet nodig dat deelnemers aan de demonstratieschieting connecties hebben met de stichting of deelnemende verenigingen.

4. Het bestuurslid dat de afspraken maakt over een demonstratieschieting, zal ook de begeleiding regelen. Er zal altijd een vrijwilliger van de Stichting toezicht houden. Dit is over het algemeen de (een) persoon die achter de bar staat. Dit bestuurslid licht ook inkoop in (aantal personen, leeftijden
etc) en legt de activiteit vast in de agenda.

5. Alle te regelen zaken worden tevoren afgesproken tussen de vertegenwoordiger van de stichting en degenen die de demonstratieschieting willen organiseren. Deze afspraken worden op papier ter ondertekening overhandigd. (“Overeenkomst mbt Gebruik van de schietaccommodatie door derden”)

6. Er mag geen drank worden meegenomen, men mag niets meenemen wat ook in het schietlokaal wordt verkocht. Alle consumpties worden van de stichting betrokken. Catering is niet toegestaan. Over andere zaken wordt tevoren overlegd.

7. Er wordt een onkostenvergoeding afgesproken voor de personen die achter de bar staan. Uitgaan van € 20= per persoon. De stichting is hierbij geen partij: de aanvrager/organisator demonstratieschieting handelt deze zaak direct af met de betrokken vrijwilliger.

8. Er wordt geen huur gevraagd. Er worden geen aparte prijzen berekend (dus de gebruikelijke prijzen), omdat van gebruikers wordt gevraagd zelf voor de schoonmaak te zorgen (Zie punt 11).

9. Bij de demonstratieschieting wordt gestreefd naar een duur van 3 uur.

10. Er mag geen muziek worden gedraaid, behalve met de in het schietlokaal aanwezige radio, ivm BUMA/STEMRA rechten. Indien dit toch gebeurd en er volgt een boete, dan is deze voor rekening van de gebruiker.

11. Na afloop van het gebruik door derden dient de accommodatie door deze gebruikers schoon en aan kant te worden achtergelaten (waaronder toiletten, vloer en keuken).

12. Bij het gebruik van de accommodatie en van materialen (als bogen en pijlen etc.) moet worden gewaakt voor het optreden van schade.

13. De Stichting stelt bogen en pijlen beschikbaar. Indien er schade optreedt, dan neemt de Stichting dit voor haar rekening.


Overeenkomst
mbt
Gebruik van de Schietaccommodatie door Derden: Demonstratieschieting

1. Het is voorwaarde dat er wordt geschoten met pijl en handboog, vandaar dat de stichting spreekt van een “Demonstratieschieting”.
Deze zal plaatsvinden dd: ….-…..-..…
Met aantal personen / leeftijden: -----------

2. Uw contactpersoon is een bestuurslid en deze maakt met u afspraken over een aantal zaken, zoals over begeleiding en toezicht vanwege de Stichting door een vrijwilliger van de Stichting. Deze persoon (personen) zal over het algemeen achter de bar staan.
Aantal barvrijwilligers: …….

3. Het schietveiligheidsreglement is van toepassing en de schieting gebeurt op eigen risico.

4. Er mag geen drank worden meegenomen, men mag niets meenemen wat ook in het schietlokaal wordt verkocht. Alle consumpties worden van de stichting betrokken. Catering is niet toegestaan. Over andere zaken wordt tevoren met u overlegd.

5. Er wordt uitgegaan van een onkostenvergoeding voor degene die achter de bar staat van € 20= per persoon. De stichting is hierbij geen partij: de aanvrager/organisator demonstratieschieting handelt deze zaak direct af met de betrokken vrijwilliger.

6. Bij de demonstratieschieting wordt gestreefd naar een duur van 3 uur.

7. Er mag geen muziek worden gedraaid, behalve met de in het schietlokaal aanwezige radio, ivm BUMA/STEMRA rechten. Indien dit toch gebeurd en er volgt een boete, dan is deze voor rekening van de gebruiker.

8. Er wordt geen huur gevraagd.

9. Na afloop van het gebruik door derden dient de accommodatie door deze gebruiker schoon en aan kant te worden achtergelaten (waaronder toiletten, vloer en keuken).

10. De Stichting stelt bogen en pijlen beschikbaar. Bij het gebruik van de accommodatie en van materialen (als bogen en pijlen etc.) moet worden gewaakt voor het optreden van schade.

 

Aldus afgesproken, dd. -------------------------------

Gebruiker: ---------------------------------------

Contactpersoon / bestuurslid Stichting: -----------------------------------------

 

=====================================================================================

 

Pré-ambule
Bij het denken over de toekomstige bestuursvorm waren er enige uitgangspunten:
- Problemen tussen (deelnemende) verengingen of binnen verenigingen mogen de accommodatie niet in gevaar brengen
- Problemen binnen de accommodatie, bijv faillissement, mogen de (deelnemende) verenigingen en hun leden niet in gevaar brengen
- Omdat de (deelnemende) verenigingen de Stichting oprichten en (bouw)werkzaamheden verrichten, moeten de (deelnemende) verenigingen invloed hebben op de accommodatie
Met name de eerste twee uitgangspunten bleken het best gewaarborgd door de stichtingsvorm: Een stichting is een zelfstandige rechtspersoon zonder leden, met alleen een bestuur dat zelf in zijn opvolging voorziet, zonder invloed van buiten en zonder juridische relaties met andere partijen. De stichtingsvorm voorziet dus in een scheiding tussen accommodatie en (deelnemende) verenigingen. Deze scheiding is echter volgens de statuten niet totaal. De reden daarvoor ligt in het derde uitgangspunt, dat strijdig lijkt met de andere twee. Dit leidt tot onduidelijkheden die uitleg en besluitvorming noodzakelijk maken.
Onduidelijkheden in de statuten
- Art 4.3 stelt dat de verenigingen voordrachten doen voor een lid van het bestuur van de stichting. De voorgedragen persoon moet afkomstig zijn uit de leden van de vereniging. Het zittende stichtingsbestuur benoemt echter het bestuurslid. Niet in de statuten genoemd, maar wel conform het stichtingsrecht, is dat het stichtingsbestuur de voorgedragen persoon als bestuurslid kan weigeren. Art 4.3 wekt ten onrechte de suggestie van een bindende voordracht en derhalve van een dwingende vertegenwoordiging van een vereniging binnen het bestuur.
-  Art 4.4 stelt dat het bestuur zich door adviserende leden kan laten bijstaan. Deze adviserende leden hebben dus geen stemrecht. Overigens wordt in dit artikel niet de leden van (deelnemende) verenigingen bedoeld. Het gehele art 4 ziet op stichtingsbestuursleden, die hier kortweg leden worden genoemd.
- Art 11.3 resp. 11.4 stellen dat de (deelnemende) verenigingen de jaarstukken zowel als de begroting ter commentariëring krijgen aangeboden. De jaarstukken dienen alleen ter informatie en de verenigingen hoeven deze niet goed te keuren. Het stichtingsbestuur stelt de jaarstukken vervolgens vast.
Bevoegdheden en plichten (leden) stichtingsbestuur
- Bestuursleden van de stichting hebben zitting in het bestuur op persoonlijke titel (“Zonder last en ruggespraak”).
- Besluiten door ledenvergaderingen van (deelnemende) verenigingen zijn niet bindend voor de besluitvorming binnen het stichtingsbestuur.
- De verantwoordelijkheden van leden van het Stichtingsbestuur zijn anders dan die van de ALV of van bestuursleden van de (deelnemende) verenigingen. Deze verantwoordelijkheden betreffen onder andere exploitatie, gebruiksmogelijkheden, wettelijke en veiligheidseisen en continuïteit. De belangen van de Stichting staan voorop, ook waar deze als conflicterend zouden kunnen worden gezien met de belangen van een individuele (deelnemende) vereniging


===================================================================================


Doorlopende tekst van de statuten van de Stichting Handboogsport Accomodatie Ovezande, statutair gevestigd te Ovezande, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel voor Zuidwest-Nederland onder dossiernummer 41115206, zoals deze luiden na akte van statutenwijziging op acht december tweeduizend elf verleden voor mr. Johannes Willem Gmelich Meijling, notaris te Goes:
Naam, Zetel en Duur__________________________________________________
Artikel 1

  • De stichting draagt de naam: STICHTING HANDBOOGSPORT ACCOMMODATE OVEZANDE.
  • Zij heeft haar zetel in OVEZANDE, gemeente Borsele.
  • De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd.

Doel__________________________________________________________________
Artikel 2

  • De stichting stelt zich ten doel het ondersteunen en bevorderen van de handboogsport en het geven van gelegenheid tot het beoefenen van de handboogsport.
  • De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door het beheren van een binnen- en buitengelegenheid ten behoeve van de handboogsportbeoefening, waaronder begrepen het onderhoud, schoonhouden en ter beschikking stellen van de binnen- en buitenaccommodatie en al hetgeen in de ruimste zin daarmee verband houdt.

Vermogen___________________________________________________________________
Artikel 3
Het vermogen van de stichting zal worden gevormd door:

  • alle met het doel der stichting samenhangende ontvangsten;
  • subsidies en donaties,
  •  schenkingen, erfstellingen en legaten;
  • alle andere verkrijgingen en baten.

Voor het overige blijven de statuten onverkort van kracht.

Bestuur_____________________________________________________________________
Artikel 4
1. Het bestuur van de stichting bestaat uit ten hoogste acht leden en wordt voor -de eerste maal bij deze akte benoemd. Het aantal leden wordt, met in achtneming van het in de vorige zin bepaalde, door het bestuur vastgesteld.
2. Het bestuur (met uitzondering van het eerste bestuur, waarvan de leden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functie van secretaris en penningmeester kunnen ook door een persoon worden vervuld.
3. De benoeming der leden geschiedt door het bestuur op voordracht van en uit -de deelnemende verenigingen te weten: Willem Tell gevestigd te Ovezande, Spes Nostra gevestigd te Ovezande, Zeelandia gevestigd te Ovezande, UNO gevestigd te Borsele, en wel door iedere deelnemende vereniging voor een gelijk aantal bestuursleden.
4. Het bestuur kan zich doen bijstaan door adviserende leden. Deze leden  hebben slechts een adviserende stem. Op uitnodiging van het bestuur kunnen functionarissen van de stichting als adviseur aan de bestuursvergadering deelnemen.
5. Bij het ontstaan van een (of meer) vacatures) in het bestuur, zullen de overblijvende bestuursleden (of zal het enige overblijvende bestuurslid) binnen drie maanden na het ontstaan van de vacatures) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s) (op voordracht van en uit de
betreffende deelnemende vereniging), zulks met inachtneming van het bepaalde in dit artikel en artikel 9. Zodra in de benoeming van een op voordracht van een vereniging benoemd bestuurslid moet worden voorzien, doet het stichtingsbestuur hiervan schriftelijk mededeling aan de betreffende vereniging. Indien binnen drie maanden nadat deze mededeling is verzonden, niet tot een voordracht is overgegaan, is het stichtingsbestuur bevoegd zonder voordracht voor de benoeming zorg te dragen.
6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden clan ook een of meer leden ontbreken, clan vormen de overblijvende bestuursleden of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een wettig bestuur, behoudens het bepaalde in artikel 8.
7. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.

Dagelijks Bestuur____________________________________________________
Artikel 5
Het bestuur kan uit zijn midden een dagelijks bestuur aanwijzen, bestaande uit vier leden waarvan een voorzitter, een secretaris en een penningmeester en een lid, dat algemeen plaatsvervanger is voor de voorzitter, secretaris en penningmeester. Het dagelijks bestuur is belast met de voorbereiding en uitvoering van de besluiten van het algemeen bestuur en met de dagelijkse gang van zaken der stichting.            
Door iedere deelnemende vereniging wordt een lid voor het dagelijks bestuur
Voorgedragen

Bestuursvergaderingen en bestuursbesluiten_______________________
Artikel 6
1. leder kalenderjaar wordt tenminste twee keer een vergadering gehouden.
2. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien een der andere bestuursleden daartoe  schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van te behandelen puntern aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek
geen gevolg geeft in dier voege, dat de vergadering kan worden gehouden
binnen twee weken na het verzoek, zijn de verzoekers bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.
3. De oproeping tot de vergadering geschiedt, behoudens het in lid 3 bepaalde, door de secretaris, tenminste zeven werkdagen tevoren, de dag der oproeping en die der vergadering niet meegerekend.
4. De uitnodiging voor de vergadering vermeldt, behalve plaats en tijdstip van vergadering, de te behandelen onderwerpen.
5. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen.
6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Bij diens afwezigheid zal de vergadering geleid worden door de algemene plaatsvervanger van het (dagelijks) bestuur; indien deze eveneens afwezig is - wijst vergadering zelf haar voorzitter aan. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of door een der aanwezigen, door de vergadering daartoe aangezocht. De notulen worden in -de volgende vergadering vastgesteld.
8. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen, indien alle in functie zijnde bestuursleden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn. De besluiten worden genomen met algemene stemmen.
9. leder bestuurslid heeft het recht tot het uitbrengen van een stem. Besluiten worden uitsluitend genomen met algemene stemmen. Kunnen in een vergadering geen besluiten worden genomen, dan wordt hiervan aan alle bestuursleden kennis gegeven en wordt opnieuw een vergadering
uitgeschreven, met vermelding van de te behandelen punten. In de daarop volgende vergadering kunnen over de punten, in de oproepingsbrieven tot de eerste vergadering gemeld, weer alleen geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen. indien nog geen besluit genomen kan worden, worden de te behandelen punten aan de deelnemende verenigingen voorgelegd, onder de aankondiging dat binnen drie maanden het stichtingsbestuur een definitieve beslissing zal nemen, met meerderheid vanstemmen.
10. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling,tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een der stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
11. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

Bestuursbevoegdheid en vertegenwoordiging
Artikel 7
1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
2. Met inachtneming van deze statuten is het bestuur bevoegd tot alle daden van beheer en beschikking.
3. Voorafgaande goedkeuring van de vier deelnemende verenigingen is vereist voor de besluiten van het bestuur, strekkende tot:
a. Het kopen, huren of op andere wijze in eigendom, erfpacht, genot of
gebruik verkrijgen van registergoederen voor de stichting en het
vervreemden, bezwaren, verhuren en/of op andere wijze in genot of gebruik afstaan van registergoederen van de stichting. Verhuring in het kader van de exploitatie van de onder het beheer van de stichting staande ruimten valt hier niet onder. Normaal en preventief onderhoud valt hier eveneens niet onder.
b.Het aangaan of verstrekken van geldleningen, het aangaan van rekening­courant overeenkomsten, het verlenen van borgtochten, of het sluiten van overeenkomsten waarbij de stichting zich als hoofdelijk mede-schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van e derde verbindt;
c.Het aanvaarden van erfstellingen, legaten of schenkingen, waaraan bezwarende voorwaarden of lasten zijn verbonden.
Tot het verrichten van al welke handelingen het bestuur uitdrukkelijk bevoegd wordt verklaard.

Artikel 8
De stichting wordt in en buiten rechte uitsluitend vertegenwoordigd door het gehele
(dagelijkse) bestuur.

Zittingsduur
Artikel 9
De zittingsduur van de bestuursleden bedraagt vier jaar. Bestuursleden treden af - volgens een door het bestuur op te maken rooster. De leden kunnen na aftreding -steeds opnieuw worden benoemd voor een aansluitende zittingsperiode. Degenen die tussentijds ter vervulling van een open gevallen plaats tot lid zijn benoemd, treden af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats benoeming plaatsvond moet aftreden.

Einde bestuurslidmaatschap
Artikel 10
Behalve door periodiek aftreden eindigt het bestuurslidmaatschap:
a. door overlijden van een bestuurslid;
b. bij het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
c. door het nemen van ontslag middels schriftelijke mededeling aan het bestuur (bedanken);
d. bij het ontslag op grond van artikel 298 Boek 2 van het Burgelijk Wetboek;
e. door ontslag, gegeven krachtens een gemotiveerd besluit van de vereniging namens welke men zitting heeft in het bestuur;
f. door verbreking van de band met een vereniging namens welke men zitting heeft in het bestuur;
Mededelingen en besluiten betreffende ontslag en opzegging dienen de datum te bevatten, met ingang waarvan het lidmaatschap als beeindigd dient te worden beschouwd.

Boekjaar en jaarstukken
Artikel 11
1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. Het eerste boekjaar loopt vanaf heden tot en met een en dertig december negentienhonderd vijf en negentig.
2. Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken der stichting afgesloten. Daaruit worden door de penningmeester binnen twee maanden een balans en een staat van baten en lasten over het geeindigde boekjaar opgemaakt, welke jaarstukken, vergezeld van rapport van een door het bestuur aangewezen deskundige, binnen drie maanden na afloop van het boekjaar aan het bestuur worden aangeboden.
3. De jaarstukken worden door het bestuur voorlopig vastgesteld. Het bestuur zendt de jaarstukken voor 1 april aan de deelnemende verenigingen ter commentariering, welke voorts een maand de tijd hebben om te reageren, waarna het bestuur de jaarstukken definitief vaststelt.
4. Jaarlijks wordt door het (dagelijks) bestuur het ontwerp van een begroting van baten en lasten van de stichting voor het volgende boekjaar ter vaststelling aan het bestuur aangeboden. Dit geschiedt op een zodanig tijdstip, dat vaststelling door het bestuur elk jaar voor vijftien april kan plaatsvinden. De vastgestelde begroting van baten en lasten wordt voor één mei ter commentariering aan de deelnemende verenigingen aangeboden, welke voorts één maand de tijd hebben om te reageren, waarna het bestuur de begroting definitief vaststelt.

Reglement__________________________________________________________
Artikel 12
1. Het bestuur is bevoegd een huishoudelijk reglement en eventuele andere  reglementen vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet in deze statuten zijn vervat.
2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen.
4. Het bestuur bepaalt de voorwaarden, waaronder door de verschillende verenigingen gebruik kan worden gemaakt van de voorzieningen. In deze voorwaarden zal aan de diverse verenigingen, indien zij van deze voorzieningen gebruik wensen te maken, voldoende zekerheid worden verschaft, dat zij hierover gedurende een redelijke termijn naar hun behoeften kunnen beschikken.
5. Op de vaststelling, wijziging en opheffing van het reglement is het bepaalde in artikel 13 lid 1 van toepassing.

Statutenwijziging_____________________________________________________
Artikel 13
1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met algemene stemmen in een speciaal daartoe belegde vergadering, waarin alle leden van bestuur aanwezig of vertegenwoordigd zijn. In de oproeping tot deze buitengewone vergadering, welke schriftelijk moet geschieden, moet het voorstel tot wijziging en de letterlijke tekst van de wijziging zijn vermeld. Tussen de oproeping en de vergadering moet een termijn van tenminste drie weken verlopen. Indien in deze vergadering niet alle leden aanwezig zijn, wordt opnieuw een vergadering belegd, welke binnen drie weken, doch niet eerder dan zeven dagen, na de eerste vergadering wordt gehouden en waarin tot wijziging van de statuten kan worden besloten met algemene stemmen. Dit besluit behoeft, wil het rechtsgeldig zijn, de goedkeuring van alle deelnemende verenigingen.
2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notari6le akte tot stand komen.
3. De leden van het bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van wijziging, - alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het Openbaar Stichtingenregister, gehouden door de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen welker gebied de stichting haar zetel heeft.

Ontbinding en vereffening_____________________________________________
Artikel 14
1. Het bestuur kan met algemene stemmen besluiten tot ontbinding der stichting in een speciaal daartoe belegde vergadering waarin alle leden van het bestuur aanwezig zijn.
2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is
3. De vereffening geschiedt door het bestuur. De vereffenaars zijn rekening en verantwoording schuldig aan de deelnemende verenigingen.
4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding van de stichting inschrijving geschiedt in het register, bedoeld in artikel 15, lid 3.
5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht.
6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt gelijkelijk ter beschikking gesteld van de deelnemende verenigingen, die dit moeten  aanwenden voor een doel gelijk aan of zoveel mogelijk gelijk aan het doel der stichting.
7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende vijftien jaren berusten onder de jongste vereffenaar

Slotbepalingen_______________________________________________________
Artikel 15
In alle gevallen, waarin zoveel door de wet als deze statuten als de reglementen niet is voorzien, beslist het bestuur.

































  •